zaterdag 3 juni 2006
Parkeervergunning meenemen bij verhuizing in Amsterdam (de achtergrond)
Zo'n vier geleden verhuisde een vriend van het Centrum naar Oud-West. Reden was dat 'ie hier wél een huisje kon vinden met een tuin. In de Jordaan moesten ze iedere keer met de wandelwagen, maxi-cosi en alle andere kinderattributen drie trappen op voordat ze binnen waren. Toen hij eenmaal in Oud-West woonde spraken we elkaar een keer in het café over zijn parkeervergunning. In het Centrum had hij vier jaar op een wachtlijst gestaan voordat hij die kreeg. Nu moest hij zijn vergunning inleveren en in Oud-West opnieuw anderhalf jaar wachten. Hij vroeg of ik wellicht wist wat daaraan te doen was. Ik antwoordde dat er voor hem waarschijnlijk niets te doen was, maar dat ik me wel zou inzetten voor de mensen die na hem tegen dit probleem aan zouden lopen.
Eerder al was ik geconfronteerd met vergelijkbare gevallen, maar dan speelde het zich af binnen Oud-West. Zo was er een dame op leeftijd die haar hele leven al op de De Clercqstraat woonde (gebied OW20) en sinds het begin van het betaald parkeren de beschikking had over een parkeervergunning. Omdat haar leeftijd haar parten ging spelen, verhuisde ze echter van haar etagewoning naar een woning die voor senioren geschikt is (met een lift) op het WG-terrein. Omdat dat toen nog een ander vergunninggebied was (OW21), moest ze echter haar parkeervergunning inleveren en opnieuw op de wachtlijst komen te staan. Binnen Oud-West waren we toen als Dagelijks Bestuur gelukkig al bevoegd om deze regeling anders uit te voeren en bij verhuizingen binnen het stadsdeel de parkeervergunning gewoon mee te laten nemen.
Er viel veel voor te zeggen om zo'n regeling ook in heel Amsterdam in te voeren. Stadsdeelgrenzen tellen voor veel mensen immers niet, en waarop zou het wel kunnen voor iemand aan de ene kant van de Hugo de Grootgracht en niet aan de andere kant van de gracht waar het toevallig Westerpark heet. De regeling om weer opnieuw op de wachtlijst plaats te nemen staat overigens ook haaks op de gewenste doorstroming op de woningmarkt. Bovendien werd juist door die regeling de fraude gestimuleerd. In zo'n geval is het immers gewenst om ook na de verhuizing zo lang mogelijk de parkeervergunning van het oude stadsdeel aan te houden, zeker als dat een buur stadsdeel is. Daar hoeft overigens niet eens gefraudeerd voor te worden, want door te verhuizen net nadat je een nieuwe parkeervergunning hebt gekregen die voor een half jaar is afgegeven kun je nog een half jaar parkeren in het oude stadsdeel. Mijn vriend parkeerde reed indertijd terug naar het centrum, parkeerde daar met zijn vergunning op de Prinsengracht en pakte daar lijn 1 terug naar Oud-West. Een hele rare situatie.
Bij Jan Coen Hellendoorn (toen nog VVD-stadsdeelvoorzitter in Oud-Zuid) vond ik al snel een medestander om de regeling over meerdere stadsdelen uit te breiden. Hoewel er ambtelijk overigens in eerste instantie negatief geadviseerd werd, omdat men nogal wat beren op de weg zag bij het aanpassen van de regeling. De ongewenste maatschappelijke effecten van de huidige regeling en de onmiskenbare voordelen van de nieuwe regeling die ons voor ogen stond gaven uiteindelijk de doorslag. Na meerdere gesprekken met Guido Frankfurther (toen portefeuillehouder Verkeer in het Centrum), besloten we uiteindelijk als drie stadsdelen gezamenlijk om een experiment te starten. Zo'n experiment had als voordeel dat we geen toestemming van de Gemeenteraad hoefden te hebben, maar slechts goedkeuring van het College van B&W, waarin Mark van der Horst het ongetwijfeld voor ons op zou nemen. Toen dat eenmaal rond was, was het voorpagina nieuws op de Telegraaf, met Guido.
Andere stadsdelen wilden oorspronkelijk niet zomaar meedoen en eerst de kat uit de boom kijken. Na verloop van tijd besloten ze echter vrijwel allemaal om toch aan te haken bij het experiment, omdat ze een voor een de voordelen er toch van begonnen te zien. Mark van der Horst (toenmalig VVD wethouder Verkeer) nam de regeling vervolgens op in de nieuwe parkeerverordening, waardoor stadsdelen verplicht waren om eraan mee te doen. De gemeenteraad stelde de verordening vast, per 1 januari van dit jaar ging die in werking en was het helemaal rond. Van der Horst kreeg de complimenten.
Ik was er blij mee, want mijn doel was bereikt. Ik had mijn vriend indertijd niet kunnen helpen, maar had nu wel voorkomen dat er meerdere mensen in zo'n vervelende situatie zouden komen. En wat mijn vriend betreft, die had ondertussen na zo'n anderhalf wachten een parkeervergunning gekregen.
Eind goed, al goed.... Dat dacht ik tenminste tot deze week. (Morgen: waarom ik uiteindelijk toch niet blij ben)
Vorige:
Rijk frustreert grotestedenbeleidVolgende:
Parkeervergunning meeverhuizen in Amsterdam (de praktijk)Terug naar
overzicht...